Hoe een vrijetijdsproject uitgroeide tot hét platform om te leren programmeren

Dodona

Wat computerlessen zijn geweest voor de huidige dertigers en twintigers, is programmeren voor de jongere generaties. Het wordt even standaard in hun curriculum als taal en wiskunde. Alleen is de weg ernaartoe nog wat hobbelig. Dodona, het project van Peter Dawyndt en Bart Mesuere, kan mee het pad effenen.

We zijn omringd door code. Alle toestellen in je huis waar software aan te pas komt, werken met code en zijn dus geprogrammeerd. Maar het gaat veel verder dan dat. Iedere online toepassing die je vandaag gebruikt, vertrekt van code. De algoritmes die maken dat Spotify weet welke muziek je leuk vindt, zijn gebouwd met code. Dat Google gerichte zoekresultaten haalt uit miljarden internetpagina’s, is te danken aan code.

Stiefmoederlijk behandeld

Die algoritmes komen er natuurlijk niet vanzelf, programmeurs hebben de code ervan ooit moeten schrijven. Zie het als een taal om een commando om te zetten in een resultaat. Een taal die je ook kan leren. En gezien het stijgende belang van algoritmes en slimme toepassingen, een taal die stilaan onmisbaar wordt.

Toch is programmeren lang stiefmoederlijk behandeld, zeker in het onderwijs. Pas vorig jaar heeft de Vlaamse Regering ‘digitale competenties’, met daarin de principes van programmeren, opgenomen in de nieuwe eindtermen voor de tweede en derde graad. “Het heeft lang geduurd voor het doordrong dat programmeren belangrijk is, maar we zijn blij dat dat besef er nu wel is. Het is belangrijk dat mensen begrijpen dat elke computer en alle geautomatiseerde systemen ooit wel door iemand geprogrammeerd zijn”, vindt Bart Mesuere van de vakgroep Toegepaste Wiskunde, Informatica en Statistiek.

Maar er is nog werk aan de winkel. “Die nieuwe eindtermen zijn er dan wel, maar dat wil niet zeggen dat leraren meteen weten hoe ze dat moeten aanpakken. We merken dat wiskundeleraren programmeren er vaak gewoon moeten bijnemen, zonder dat zij daar ervaring mee hebben”, gaat Bart verder. “Dodona kan daarbij helpen.”

Dodona

Van hobbyproject tot onderzoeksproject

Dodona is het platform om te leren programmeren dat hij samen met zijn collega professor Peter Dawyndt ontwikkelde. Ondertussen vijf jaar geleden, als een soort ‘hobbyproject’. “Toen ik net mijn doctoraat had ingediend, had ik even zin om iets anders te doen en mijn zinnen te verzetten. Tijdens de paasvakantie begon ik aan Dodona. Het platform kreeg snel vorm en tijdens die zomer heb ik er verder aan gewerkt”, aldus Bart. Peter vult aan: “Dat het zou uitgroeien tot wat het nu is, dat hadden we nooit durven denken.”

Vandaag telt het platform 26.000 geregistreerde gebruikers en vind je er 8.000 oefeningen op. Zo’n duizend middelbare scholen gebruiken het. “Leerkrachten kunnen ons platform gebruiken tijdens de lessen om hun leerlingen aan de slag te laten gaan met oefeningen. Hebben ze een Smartschool-account? Dan kunnen ze zich zelfs rechtstreeks aanmelden. Gratis en voor niets”, legt Peter uit. “Drie doctoraatsstudenten onderzoeken momenteel hoe we leerlingen in de toekomst nog beter kunnen leren programmeren en hoe we lesgevers nog beter kunnen ondersteunen, in een onderzoeksproject rond Dodona.”

Zelf aan de slag met Dodona?

Heb je zelf interesse om met Dodona te werken? Of wil je het project steunen?

Onderwijsnood

De kracht van het platform zit in de automatische feedback. Oefeningen worden automatisch geëvalueerd en beoordeeld, als docent hoef je niets te verbeteren. In die vijf jaar is er via Dodona al tien miljoen keer feedback gegeven. Ter vergelijking: om manueel tot hetzelfde resultaat te komen zouden zo’n honderd mensen fulltime oefeningen moeten controleren.

Dat het nu zo’n vaart loopt, was niet de bedoeling. “We zijn begonnen met Dodona uit onderwijsnood. We wilden meer en betere feedback geven, zonder dag in dag uit manueel oefeningen te verbeteren en door computercode te gaan op papier of in een document. Dat is enorm tijdrovend”, zegt Peter.

“Nu kunnen we ons bezighouden met waar het echt om draait: lesgeven. Zo nemen we de studenten tijdens de les mee door de oefeningen en leren we hen probleemoplossend denken. Dat is een grote winst. Studenten kunnen ook individueel aan de slag met de oefeningen. Elk op hun eigen ritme en niveau. Als studenten sneller weg zijn met de oefeningen, kunnen ze moeilijkere oefeningen maken. Willen ze graag een stapje terug zetten omdat ze niet helemaal mee zijn? Dan kan dat ook.”

"Het was een instant succes"

Dominiek Vandewalle, leraar derde graad in de Sint-Paulusschool campus College in Waregem

“Ik geef deeltijds les aan de derde graad in het secundair onderwijs en deeltijds in de educatieve master aan de UGent. Daardoor was ik een van de eersten die Dodona ook in het secundair gebruikte. Het was een instant succes. Ik geef eerst uitleg, waarna we samen een oefening op het platform maken en de feedback overlopen. Nadien gaan de leerlingen zelf aan de slag, waar en wanneer ze willen. Ik kan hun leerproces makkelijk volgen en ingrijpen waar nodig. Stel dat alle leerlingen over dezelfde oefening struikelen, dan kan ik dat bijvoorbeeld aanhalen in de les. Dodona bespaart me veel werk, waardoor ik op het einde van de rit een pak meer tijd heb om dieper op bepaalde zaken in te gaan.”

Dodona
67-33

Open voor iedereen

Peter en Bart doen dit project on the side, naast hun werk als prof en onderzoeker. Dat wordt steeds moeilijker, gezien de groei van Dodona. Aanvankelijk binnen de muren van de UGent, daarna opgemerkt door andere universiteiten en hogescholen en nu dus ook door middelbare scholen. Het programma is van dag één open source, een heel bewuste keuze.

Bart: “Niet alleen omdat we ondertussen gesteund worden door de overheid, maar omdat we zelf ook gebruik maken van open source data om Dodona mogelijk te maken. We willen het voor zoveel mogelijk mensen mogelijk maken om te leren programmeren, dus we vinden het belangrijk dat alles beschikbaar is.”

Vlaamse jeugd leren programmeren

Een fiere Peter pikt in: “We zien dat er rond Dodona een community groeit, waar leerkrachten en docenten elkaar helpen met oefeningen en cursussen. Dat is fijn om te zien. Het doet ons deugd dat wij ons steentje kunnen bijdragen aan het feit dat de Vlaamse jeugd leert programmeren.”

Het typeert beide onderzoekers in hun ambitie met Dodona. Het succes van het platform is leuk, maar ondergeschikt aan een belangrijker doel, namelijk mensen leren programmeren. “Of dat dan met Dodona is of niet, dat maakt voor ons niet uit. Liever met ons natuurlijk. (lacht)”

Professor Peter Dawyndt leidt het Computational Biology Lab dat onderzoek doet op het raakvlak van de computer- en levenswetenschappen. Toen hij doctoreerde keek hij elke dag uit over de plantentuin, die hij een van de mooiste plekken van Gent vindt.

Peter Dawyndt
67-33

 

Bart Mesuere

Bart Mesuere is postdoctoraal onderzoeker aan de faculteit Wetenschappen. Als datawetenschapper probeert hij nuttige inzichten uit grote hoeveelheden ruwe data te halen, en zoekt hij manieren om die data te visualiseren. Zo giet hij op twitter de dagelijkse coronacijfers in heldere grafieken. Zijn favoriete plekje is de studentenhome ‘Home Boudewijn’ waar hij als student op kot zat. De vrienden die hij daar maakte, vormen nog steeds een hechte groep.

33-67

Lees ook

Studenten ontwerpen speciaal meubilair voor kinderen met autismespectrumstoornis

Als student werken aan een project dat ook echt gerealiseerd kan worden, is mooi. Als dat project ook nog eens mensen helpt, is het nog mooier. Samen met haar medestudenten burgerlijk ingenieur-architect ontwierp Kaat Janssens buitenmeubilair voor Kwadrant, een school voor kinderen met autismespectrumstoornissen (ASS).

Studenten ontwerpen speciaal meubilair voor kinderen met autismespectrumstoornis
view

Hoe creëer je gelijke kansen in het Vlaamse onderwijs?

Het gelijke onderwijskansenbeleid ligt onder vuur: leidt het wel tot gelijke onderwijskansen? En zorgt het er niet voor dat het onderwijs de lat lager legt?

Even goede vrienden
view

UGent-studenten onderzochten: zo krijgen leerkrachten een goede start

Een op de vier leerkrachten haakt al tijdens de eerste jaren op de werkvloer af, toont onderzoek aan. Dat komt onder andere door de reality shock waarmee beginnende leerkrachten te maken krijgen op het moment dat ze alleen voor de klas staan. Een groot probleem, zeker omdat Vlaanderen kampt met een lerarentekort. UGent-studenten die de educatieve master volgen onderzochten hoe je dat kan vermijden.

Onderwijs
view

Het antwoord op oplopend lerarentekort? De educatieve master

Het lerarentekort is een grote uitdaging in het onderwijs. Dat aanpakken is voor professor Ruben Vanderlinde dan ook de prioriteit. “Een deel van de oplossing zit in kwaliteitsvolle lerarenopleidingen, zoals de educatieve master van de UGent, die het diploma van leerkracht opwaardeert.”

Ruben Vanderlinde
view