Campus Oostende: de passie van Ellen en Tina voor marien onderzoek reikt tot in Hawaï en Indonesië

Ellen en Tina glimlachen samen in een labo.

Professor en diepzee-ecologe Ellen Pape en doctoraatsonderzoekster Tina Agustina werken allebei op Campus Oostende. Ze delen naast een campus ook een interesse in ecologie en de wisselwerking tussen de zee en menselijke activiteit.

Wie op Campus Oostende rondloopt, waant zich in een klein universum van bedrijven, start-ups en onderzoeksgroepen die iets met de zee te maken hebben. Ellen is zowel professor als postdoctoraal onderzoeker bij de vakgroep Biologie (faculteit Wetenschappen), Tina is doctoraatsstudente bij de vakgroep Dierwetenschappen en Aquatische Ecologie (faculteit Bio-ingenieurswetenschappen).

Leven op de bodem

Ellen bestudeert het leven op de diepzeebodem en die ligt minstens op 200 meter diepte. Haar onderzoek focust op de impact van diepzeemijnbouw op polymetaalknollen: mineraalrijke knollen. Haar belangrijkste werkterrein is de Clarion-Clippertonzone in de Stille Oceaan, tussen Hawaï en Mexico.

De diepzee blijft een van de minst verkende plekken op aarde. "Ja, we hebben al nieuw leven ontdekt", lacht ze. Als ze de Clarion-Clippertonzone in duikt gebeurt dat niet met een onderzeeër zoals in de verhalen van Jules Verne. Ellen: "Die bestaan wel, maar zijn zeldzaam en duur. In de plaats besturen ingenieurs een onbemande onderwaterrobot vanaf het schip en vliegt een geprogrammeerde onderwaterrobot over de bodem om foto's en scans te maken."

Net omdat onderzoek op zo'n diepte enorm duur is, blijft de zeebodem relatief onontgonnen. "Daarom moet diepzeemijnbouw, als het zou plaatsvinden in de toekomst, heel goed beheerd worden: er zullen altijd effecten zijn op de omgeving maar het is belangrijk om een idee te hebben over de schaal en mogelijke verzachtende maatregelen. Wat we aanvaardbaar vinden van negatieve impact is niet enkel een wetenschappelijke, maar ook een maatschappelijke vraag. Het is een erg omstreden vorm van mijnbouw, net omdat we de antwoorden op die vragen nog volop aan het formuleren zijn."

Ellen en Tina staan met hun labojassen aan in een labo.

Ellen bestudeert het leven op de diepzeebodem en die ligt minstens op 200 meter diepte. 

67-33

Schimmels tegen vervuiling

Indonesië is een archipel met een van de langste kustlijnen ter wereld, vertelt Tina. "Je vindt er heel veel havens, offshore-structuren en andere door de mens gemaakte zeestructuren. Met mijn doctoraatsonderzoek wil ik er de vervuiling helpen verminderen."

Ellen en Tina staan voor een gebouw met diepblauwe muren.

Ze start aan het derde van haar vier jaar doctoraatsonderzoek aan de UGent. Ze isoleert schimmels uit zeewater, sediment en zeeorganismen, op zoek naar enzymes die kunnen dienen als milieuvriendelijk alternatief voor de giftige coating op onderwaterstructuren en scheepsrompen. "Ik zoek een duurzaam alternatief, gebaseerd op mariene schimmels."

Voor ze aan haar doctoraat begon, engageerde Tina zich in Indonesië voor lokale gemeenschappen: “Ik heb werkte met hen samen rond mariene problemen zoals zwerfvuil in zee en vervuiling door zware metalen.” Die ervaring bracht haar uiteindelijk bij de UGent: “Daarna zocht ik een universiteit en een professor die op dat thema onderzoek deed. Zo kwam ik terecht bij professor Jana Asselman van Marine@UGent, hier op Campus Oostende."

Een campus vol kruisbestuiving

Campus Oostende is de ideale biotoop voor dit soort onderzoek. Ellen vergelijkt het wetenschapspark met dat in Zwijnaarde, waar Campus Ardoyen en Campus Eiland Zwijnaarde van de UGent een levendig ecosysteem vormen met internationale R&D-centra en hoogtechnologische groeibedrijven, actief in de biotechnologie. Bluebridge, het gebouw waar Ellen en Tina werken, fungeert als een soort hub. “Naast de UGent-onderzoeksgroepen, waaronder de marine engineering-vleugel waar Tina zit, huizen er ook tien bedrijven die actief zijn in de blauwe economie.”

Elke maand wordt een informeel netwerkmoment georganiseerd waarop bedrijven en onderzoeksgroepen elkaars werk voorstellen. “Dat is een goede gelegenheid om mensen te ontmoeten en van elkaar te leren”, vertelt Tina, “net als tijdens meer informele activiteiten zoals de potluck die we hier vorige week met alle mensen van Bluebridge hebben gedaan.” Haar eigen onderzoeksgroep telt een twintigtal medewerkers, aangevuld met internationale postdocs en uitwisselingsstudenten.

Ellen en Tina leunen tegen de muur in een hal en lachen.

De interdisciplinaire verbinding tussen faculteiten hier op de campus maakt de samenwerking heel waardevol.

67-33

Ellen: “Bij Tina draait het vooral om bio-ingenieurswetenschappen, terwijl ik zelf van de faculteit Wetenschappen ben. De interdisciplinaire verbinding tussen faculteiten hier op de campus maakt de samenwerking heel waardevol.”

Een nieuw academiejaar

Tina wacht dit academiejaar een belangrijke mijlpaal voor haar doctoraat. "Ik werk aan mijn eerste paper om eind dit jaar in te dienen. Ondertussen ga ik in het labo verder met het zuiveren van de enzymen."

Ook voor Ellen wordt het een druk academiejaar. "Ik regel de logistiek voor de expeditie naar de Clarion-Clippertonzone dit najaar. Daarnaast begeleid ik masterstudenten in de opleiding Oceans and Lakes en geef ik les over mariene ecologie. En in het kader van levenslang leren zet ik een nieuwe cursus op poten over het gebruik van AI en machine learning bij de analyse van omgevingsdata en het schrijven van projectvoorstellen."

Een druk jaar in het verschiet, dus. Gelukkig kunnen ze vanuit Campus Oostende snel naar zee om even het hoofd leeg te laten waaien en te genieten van onze Noordzee.

Welke tip geef jij UGent'ers voor het komende academiejaar?

Tina: “Blijf jezelf in zowel een academische als een niet-academische omgeving. Durf je ideeën en uitdagingen te bespreken met je professoren en medewerkers, want iedereen wil helpen. Dompel je onder in het lokale leven en ontdek wat de natuur, cultuur en het dagelijkse leven in België te bieden hebben, in het bijzonder in Oostende. Het is meer dan de moeite!”

Ellen: “Geniet van het traject, niet alleen van de bestemming. Investeer als onderzoeker in samenwerking tussen vakgroepen en universiteiten: dat maakt elk project rijker. En UGent'ers uit Gent zijn altijd welkom in Oostende voor een nieuwe samenwerking rond de oceaan!”

Read also

Why Ghent University Imagines 2050 is a necessity, a puzzle and a flywheel

Ghent University (UGent) faces a historic transformation over the coming decades. UGent Verbeeldt 2050 (Ghent University Imagines 2050) will see campuses renovated, relocated and connected. Chief Logistics Officer Jeroen Vanden Berghe and policy advisor Tristan Verleyen share insights into the short- and longer-term plans. “It’s a strong vision for UGent’s future. And the path to get there? We’ll walk it together.”

Jeroen en Tristan poseren samen.
view

Mara and Terry on Ghent University Global Campus: "Our students embody 'Dare to Think' in its purest form"

Since May, Mara Santi has been co-heading Ghent University Global Campus (GUGC) in South Korea. Together with student Terry Park, she looks ahead to a new academic year. A long-distance call about international connectivity, boundless ambition, and Korean culture.

Mara and Terry leunen op het logo van GUGC en kijken naar elkaar.
view

How Campus Kortrijk Connects People and Technology

UGent Campus Kortrijk is gearing up for an academic year packed with creative ideas, sustainable innovation, and warm encounters. A joint interview on inclusive design and the power of diversity: “Cultural differences can actually bring people closer together.”

Francesca en Melis staan rug aan rug in een tuin
view

Italian researchers Leonardo and ‘buddy’ Victor are pursuing their PhD at Ghent University: "Belgium is more relaxed"

Moving to another country for your job is a big step, but two researchers from Italy quickly found their footing in Ghent. “I love your red bricks.”

Victor en Leonardo leunen tegen een serre in de tuin.
view