Als zesjarige ontdekte Selien De Schryder haar passie voor atletiek, op haar achttiende die voor macro-economie. Tijdens haar studies en doctoraat combineerde ze beide passies met een topsportstatuut. Vandaag legt ze zich als hoofddocent economie volledig toe op empirisch macro-economisch onderzoek. Met dezelfde drive die haar typeerde als topsporter slaat ze nu de brug tussen macro-economische trends en hun impact op ons dagelijks leven.
Macro-economie klinkt voor velen abstract, wat onderzoek je precies?
“Mijn onderzoek focust op de betaalbaarheid van wonen en de rol van beleidsingrepen daarin. Daarnaast kijk ik ook alsmaar meer naar de impact van klimaatverandering op de economie, voor mij dé uitdaging van onze tijd. Klimaatverandering beïnvloedt alles: van geopolitiek tot energieprijzen en vastgoedmarkten.
Ik probeer mijn werk te vertalen naar beleidsmakers, bedrijven en een breder publiek, zonder te pretenderen dat wij de waarheid in pacht hebben. Die brugfunctie vind ik essentieel. Tegelijk blijft onze onafhankelijkheid als onderzoekers cruciaal: academische vrijheid is heilig voor mij.”
Wat fascineert je zo aan economie?
"Wat ik boeiend vind, is dat je via data heel concreet kan nagaan wat de impact is van beleid. Economie is een sociale en geen exacte wetenschap. Achter de cijfers zitten gedragingen, verwachtingen en emoties. Om mensen houvast te bieden, vind ik dat we als onderzoekers moeten inzetten op diepgang en nuance. Ik stoor me aan snelle economische analyses die achteraf vaak niet blijken te kloppen. Ik wil begrijpen wat er écht speelt, op basis van data.”
Je startte als jonge onderzoeker op een turbulent moment. Voelde dat ook zo?
"Absoluut. Ik studeerde af in de zomer van 2008, net voor de financiële crisis losbarstte. In september startte ik als assistent. Ik wilde eerst onderzoek doen naar de huizenmarkt en een van de aanjagers van de financiële crisis waren de ‘rommelkredieten’ voor woningen. Als jonge onderzoeker werd ik meteen meegesleurd in een woelige heksenketel: er gebeurde enorm veel en ik moest constant bijleren. Dat maakte me toch wel onzeker, dus switchte ik voor mijn doctoraat naar een ander onderwerp: olieprijzen. Net op dat moment brak er wereldwijd een nieuwe oliecrisis uit, terwijl ik dacht dat dit iets van de jaren zeventig was (lacht). Ik leerde dus heel snel dat je als onderzoeker flexibel moet zijn."
Je combineerde jarenlang atletiek op topsportniveau met je studies en doctoraat. Hoe was dat?
“Heel intens! Ik had een topsportstatuut dat voor flexibiliteit zorgde, al heb ik daar weinig gebruik van gemaakt. Misschien heb ik één examen verplaatst voor mijn sport. Door mijn focus op atletiek had ik geen klassiek studentenleven met veel uitgaan, maar dat heb ik nooit gemist. Ik leerde veel mensen kennen die net zoals ik sporten en studeren combineerden. We deelden een gelijkaardige drive: we wilden topprestaties neerzetten, zowel op sportief als academisch vlak.
Tegen het einde van mijn doctoraat voelde ik dat de combinatie niet meer houdbaar was. Ik pushte mezelf te hard en mijn lichaam gaf signalen dat het niet meer ging. Moeten kiezen was emotioneel zwaar, maar rationeel wel de juiste keuze.”
Wat nam je als topsporter mee naar de academische wereld?
“Doorzettingsvermogen en mezelf uitdagen. Maar ook het besef dat je het niet alleen kan. Atletiek lijkt een individuele sport, maar je hebt een team nodig dat je vooruit duwt. In de academische wereld is dat net zo: het is competitief, maar door samen te werken geraak je veel verder. Een inzicht dat mij altijd is bijgebleven, komt van mijn promotor Gert Peersman, die zelf aan topsport deed: onderzoek doen is zoals trainen. Hoe meer tijd je daaraan spendeert, hoe beter je wordt. Ik leerde in de atletiek ook omgaan met tegenslagen. In de sport zijn dat blessures of slechte prestaties, in de academische wereld zijn het afgewezen papers.”
Als vrouwelijke professor economie ben je nog altijd een buitenbeentje. Hoe kijk jij daarnaar?
“Nog altijd stromen minder vrouwen door naar hogere academische posities, terwijl er onder de studenten vaak meer vrouwen zijn, ook in onze faculteit. Dat verschil kan je niet verklaren op basis van instroom alleen, er zijn duidelijke structurele drempels.
Daarom engageer ik mij als co-voorzitter van de Commissie Diversiteit en Inclusie aan onze faculteit. Als universiteit moeten we kritisch kijken naar onze eigen structuren en strategieën. Door als vrouw mijn stem te laten horen in het publieke debat, wil ik tonen dat jonge meisjes hun plaats kunnen opeisen in domeinen die traditioneel als ‘mannelijk’ worden gezien. Als mama van twee dochters richt ik me ook tot hen. Maar tegelijk wil ik het debat breder trekken: diversiteit gaat over veel meer dan gender alleen.”
Trek je soms nog je loopschoenen aan?
“Op het einde van mijn topsportcarrière dacht ik dat ik lopen beu was, maar na een paar weken kwam die goesting terug. Ik loop nu vooral voor het plezier. Het blijft mijn manier om mijn hoofd leeg te maken.”
Selien De Schryder is hoofddocent bij de vakgroep Economie. Haar onderzoek focust op de betaalbaarheid van wonen, olieprijzen en de impact van klimaatverandering op economie. Ze combineerde haar studies en doctoraat met een topsportcarrière als atlete op de middellange afstand. Enkele jaren trainde ze bij Racing Gent, samen met UGent-eredoctor en olympisch kampioen Bashir Abdi.
Read also
Bashir Abdi receives honorary doctorate: “This shows how powerful sport is"
For his unique combination of athletic excellence and social commitment, including his work supporting vulnerable young people in Ghent, Abdi is being awarded an honorary doctorate from Ghent University. “You don’t need an Olympic achievement to help others.”
Five (realistic) ways to move more in 2026
January often starts with good intentions… but those plans can be quickly abandoned. To exercise more is always high up everyone’s list, but there’s often a gap between wanting to do it and actually doing it. So how do you bridge that gap?
Why sports apps can actually be demotivating
They are already well established in elite sports, but amateur athletes are also increasingly using technology to improve their sports performance or prevent injuries. Sports technology is everywhere it seems, but there are pitfalls.
Ghent University researchers support Olympic track cyclists: optimal performance thanks to sensors and AI
If the Belgian track cyclists win a medal at the upcoming Olympic Games, it will not only be the result of top performances but also of top research. In the Flemish Cycling Centre Eddy Merckx, a stone's throw from the Watersportbaan, a group of researchers from the IDLab of UGent-imec supports our track cyclists with the help of artificial intelligence (AI).